Sommige oases van rust ontvouwen hun bijzondere charme al vroeg in de ochtend, tijdens het blauwe uur. De stuw bij het Leine-eiland in Döhren is zo’n verfrissende plek om nieuwe energie op te doen en even diep adem te halen, voordat de dag pas echt op gang komt.
Uitzicht op het Leine-eiland bij de Wollewehr.
Als het overal nog rustig is en de stad langzaam tot leven komt, is dat precies het juiste moment om dromerig vanaf de hoekige stenen aan de oever van de Leine naar de opkomende zon te kijken. En ineens wordt weer glashelder waarom de kracht in de rust schuilt.
Vroeger werd er bij de stuw was gedaan
Het was niet altijd zo vredig en rustig op deze plek rond het Leine-eiland. Nog iets meer dan 45 jaar geleden stonden er op de plek van de huidige mooie huizen de industriële gebouwen van de wolwas- en kamfabriek van Döhren, in de volksmond van Hannover ook wel “Döhrener Wolle” genoemd. Vanaf de jaren 1870 werd bij de reeds in 1667 gebouwde stuw in de rivier (die destijds nog een watermolen op het Döhrener Leine-eiland van water voorzag) ruwe schapenwol uit Australië, Nieuw-Zeeland en Zuid-Amerika gereinigd en gekamd. Dankzij de gunstige ligging direct aan de Leine, die altijd voldoende water leverde om de wol te wassen, groeide de „Döhrener Wolle“ al snel uit tot een grootbedrijf met 2.000 werknemers. De bloei hield maar liefst een eeuw aan; in 1973 werd het bedrijf stilgelegd. Na de sloop van de gebouwen ontstond op het voormalige fabrieksterrein de huidige woonwijk. Er zijn in ieder geval nog een paar getuigen uit die tijd bewaard gebleven: de klokkentoren uit 1909 bijvoorbeeld, met de pittoreske hoektorens en kantelen (deze diende ooit als slangentoren voor de fabrieksbrandweer), evenals de arbeiderswijk „Döhrener Jammer“ en het rambeeld op de straathoek Am Uhrturm/Am Leinewehr, die oorspronkelijk in 1893 werd opgericht als symbool van de fusie van de vier Duitse wolkamfabrieken tot de „Deutsche Kämmerkonvention“.
Nog drie plaatsen vrij voor het ontbijt aan het water
Maar ook de voormalige Wolle-stuw was van korte duur: in 2004 liet de stad Hannover de vervallen constructie slopen en in de rivierbedding een vlakke betonnen stuw aanleggen, waarover het water van de Leine tegenwoordig kolkt. Vanaf het ‘balkon’ aan de kant van de weg bij de brug kun je in alle rust naar de onstuimige drukte in de rivier kijken. Veel idyllischer en nog rustiger, zowel bij zonsopgang als in de schemering, is het kleine pleintje met een bankje aan de Wiehegraben stroomopwaarts aan de Leine, waarnaar een pad langs de huizen boven de stuw leidt. Naar het smalle zandstrand dat aan de overkant te zien is, leidt daarentegen slechts een smal pad dat zich achter de nabijgelegen brug aan de Johann-Duve-Weg langs de Leine door het struikgewas slingert.