In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog zaten de gemeenten in West-Duitsland vol met vluchtelingen en ontheemden.
De daarmee gepaard gaande vermenging van verschillende geloofsrichtingen leidde ook in Sehnde, dat sinds de Reformatie uitsluitend protestants was geweest, tot de oprichting van een katholieke parochie.
De parochiekerk St. Maria is een van de twee katholieke kerken in de gemeente Sehnde. Na aanvankelijke weerstand van het toenmalige gemeentebestuur, dat een katholieke kerk in het centrum van de stad wilde tegenhouden, werd de kerk in de jaren 1954/55 gebouwd en uiteindelijk op 5 juni 1955 ingewijd.
In 2005 kon daarom het 50-jarig jubileum van St. Maria Sehnde worden gevierd met twee feestweken vol evenementen.
Het gebouw
Het gebouw (architect: Josef Fehlig, Hildesheim) is een eenvoudige, langgerekte hal met een verhoogd en smaller rechthoekig altaargedeelte. De in plattegrond vierkante klokkentoren (21 m), die naar boven toe licht taps toeloopt en waarin sinds 2003 drie nieuwe klokken hangen, wordt bekroond door een drie meter lang kruis van koperplaat. Hij is via een gang met de kerk verbonden. Op de begane grond bevindt zich de doopkapel. Toren en schip zijn gepleisterd in gedekt wit.
Het lichte interieur bevat, naast het altaar van roodachtig marmer, de bronzen ambo met planten- en evangelistensymbolen, de paaskandelaar (levensboom met paradijsslang) en het met bladgoud beklede tabernakel dat voor een zonneschijf is geplaatst, ook de houten beelden van een groot hangend kruisbeeld, een Madonna met kind, de heilige Hedwig van Silezië en bij de ingang de beschermheilige van de mijnwerkers, Barbara. Deze herinnert, samen met een ernaast aangebrachte mijnlamp, aan de kalimijnbouw, die in de 20e eeuw een belangrijke bron van inkomsten voor Sehnde was.